De graaicultuur van pensioenfondsen

Wie de uitzendingen van omroep MAX over ons pensioenstelsel heeft gevolgd, wordt daar niet vrolijk van. Op pijnlijke wijze wordt duidelijk gemaakt hoe de graaicultuur binnen de pensioenfondsen sinds vele jaren volop heeft toegeslagen. Met instemming van de vakbonden overigens, want die worden rijkelijk beloond voor hun deelname in allerlei commissies en medezeggenschaporganen van de pensioenfondsen. De FNV als grootste vakbond ontvangt jaarlijks € 1,2 miljoen euro aan vergoedingen van de pensioenfondsen en dan kijk je graag even de andere kant op.

Een mooi voorbeeld is het pensioenfonds ABP, het pensioenfonds voor overheidswerknemers en onderwijsinstellingen. ABP is het grootste pensioenfonds van Nederland en op twee na de grootste ter wereld. Het vermogen bedraagt maar liefst 409 miljard euro. ‘Samen bouwen aan een goed pensioen, dat is de missie van ABP’, meldt het jaarverslag. ‘Samen voor ons eigen’, zouden Koot en Bie zingen want de ABP-heren nemen het er goed van.

Wie vermoedt dat ABP een reusachtige organisatie is met honderden medewerkers, vergist zich. ABP heeft slechts 43 medewerkers in vaste dienst waarvoor twee directeuren zijn aangetrokken. In het gebruikelijke bedrijfsleven kan één directeur met gemak 100 medewerkers aansturen, maar bij ABP lukt dat kennelijk niet. De beide directeuren staan jaarlijks voor € 514.000 op de loonlijst, ieder verdient iets meer dan € 250.000 om dagelijks leiding te geven aan 43 medewerkers.

Er is ook nog een bestuur van 16 leden. Die ontvangen jaarlijks bijna € 1,2 miljoen aan vergoedingen. De voorzitter, mevrouw Corinne Wortmann-Kool, kreeg vorig jaar een loonsverhoging van 30 procent. Voor deze parttime baan ontvangt zij van ABP jaarlijks € 130.000, dat is fors maar niet ongebruikelijk. Dat ligt anders bij de vergoedingen voor de overige leden van het bestuur. Oud PvdA-Kamerlid Jan van Zijl toucheerde in 2017 een loonsverhoging van 33 procent en ontvangt als bestuurslid voor de werkgeversbelangen, jawel werkgeversbelangen, jaarlijks € 100.000 vergoeding.

Oh ja, voor het indexeren van de pensioenen was geen geld beschikbaar, meldt het jaarverslag 2017. De pensioenen zijn al vanaf 2011 bevroren terwijl het geld onderhand tegen de plinten klotst. Vanaf 2010 heeft het belegd vermogen, het premiegeld van de deelnemers, gemiddeld 8,9 procent rendement opgebracht maar er is geen geld om de pensioenen te indexeren. Dat valt niet meer uit te leggen.

De meeste taken van ABP worden uitbesteed aan pensioenuitvoerder APG, die daarvoor jaarlijks 85 euro per ABP-klant in rekening brengt. De 2,9 miljoen deelnemers en gepensioneerden moeten jaarlijks dus bijna € 2,5 miljard opbrengen om hun (toekomstige) pensioenen uitgevoerd te krijgen. Ter vergelijk: een verzekeringsmaatschappij brengt jaarlijks bij de gepensioneerde 12 euro in rekening voor de maandelijkse pensioenuitkering (lijfrente). Het is bij ABP een broekzak-vestzak verhaal want ABP bezit 100 procent van de aandelen van APG.

Geadviseerd wordt het beleid voor meer intern beheer, meer directe investeringen en verlaging van de vergoedingen voor een aantal externe vermogensbeheerders te intensiveren mede om reputatie schade in de publiciteit te voorkomen’, zegt het bestuur berouwvol in het jaarverslag.

Reputatieschade?
Ooit gedacht, geacht bestuur, aan de belangen van de 2,9 miljoen klanten, die uw vorstelijk betaalde bijbaan betalen?

Frans Nijhof